Hoe blijf ik overeind?

Ik stuurde mijn herstelverhaal door naar een paar mensen van de Pit groep en kreeg o.a. deze vraag… 

Ik antwoordde uitgebreid:

Na Pittem heb ik een stuk of tien sessies gedragstherapie gedaan bij Brecht Noyez, werkt bij het acuut mobiele team. Samen met het boek ‘uit je hoofd, in het leven’, was dat een echte eye opener. Het heeft me geleerd dat gedachten ‘maar’ gedachten zijn. Dat emoties ‘maar’ emoties zijn. Er bestaat een afstand tussen mezelf en die dingen, ik BEN ze niet. Das uiteraard theorie, maar op dat moment hielp het me echt wel om een stukje vrede te vinden en minder overspoeld te worden. 

Ik ben toen ook begonnen met een ‘positivity jar’, een beetje gepimpte glazen bokaal die naast mijn bed staat met een stapeltje kleine briefjes naast. Voor ik ga slapen, schrijf ik de positieve dingen van die dag op, hoe klein ook. Soms zijn er geen… Dan probeer ik alleen te zien dat de pot geleidelijk aan wel vult en dat er dus wel positieve dingen zijn..

Van juni tot januari heb ik het ondanks dat heel zwaar gehad. De pijn nam toe, in opstoten, steeds meer. Ik kon mijn gsm niet meer vasthouden van de pijn in mijn handen. Laat dat nu net dé afleiding zijn in de saaiheid van mijn dagen: de smartphone en het www. Facebook, Twitter, ik ben zwaar verslaafd aan dat beetje sociaal contact. En toen ging zelfs dat niet meer. Ik heb de ogen uit mijn hoofd gejankt, echt. Tot ik eindelijk medicatie vond die hielp. De pijn in mijn handen is zo goed als weg. Ik heb enkel nog mijn ‘normale’ pijn. En weet je, ik kan daar bij momenten echt dankbaar om zijn. Ik ben dankbaar voor elke dag dat ik mijn handen kan gebruiken – en doodsbang dat het gaat terug komen…

Daarnaast leef ik zoveel mogelijk in het hier en nu. Enkel wat vandaag op het programma staat: de zorg voor mijn zoontje, de kleine huishoudelijke taken die ik kan, de kine oefeningen elke dag, afgewisseld met de vele uren die ik plat lig en verdrijft met het www, een middagdutje, soms een serie, en proberen me niet nutteloos te voelen, maar te zien als oplaadmomenten om daarna weer iets te kunnen…. 

Ik geniet zoveel mogelijk van de kleine dingen. De kat die bij mij komt spinnen. Een tas koffie met een vriend. Twee uurtjes max op café of restaurant, met ondersteuning van medicijnen. Die leuke, sociale activiteiten plan ik zo ver mogelijk vooruit en als ik es vooruit kijk in de agenda probeer ik alleen die te zien, niet de vele, lege dagen. Ik probeer me recht te houden aan die dingen.

De online hulpverlening loopt niet echt... PIT en tandemwerkgroep zijn een fijne afwisseling, even mijn hersenen kunnen gebruiken, maar het is zo beperkt in tijd. Ik had echt gehoopt op de kerngroep Herstel, mss naïef, maar het leek me een stap vooruit, mss een kans voor de toekomst. Het mocht niet zijn… Ik voel me nog steeds hulpverlener in hart en nieren, ik weet heel goed, perfect geïntegreerd, hoe mijn ervaringskennis te gebruiken, en ik kan er quasi niets mee doen. Dat doet pijn.  Maar het is nu zo en een potje janken mag, maar verandert niets… Ik moet het doen met wat er nu is en met de beperkingen die er nu zijn. De blog is af en toe eens ventileren en hopen dat iemand er misschien ooit iets aan heeft, maar voor de reacties moet je het niet doen.

Zo probeer ik overeind te blijven.Mijn zoon is 1 van de grootste drijfveren. Hij mag me af en toe verdrietig zien, hij weet dat ik pijn lijdt, maar ik hoop vooral ook dat hij later kan zeggen dat ik desondanks gelukkig was. Instorten is gewoon geen optie meer, hij is te oud, hij gaat het beseffen. Ik heb mezelf gezworen dat ik nooit een kopp-kind zou maken van mijn kind. Ik moet en zal er zijn voor hem, al is het de enige ‘carrière’ die ik in mijn leven kan uitbouwen, ik zweer dat ik er altijd voor hem ga zijn. Al kan ik niet werken, ik kan wel een kind opvoeden… 

Weet je, ik heb in mijn leven 2,5 zorgeloze jaren gekend. Van mei 2007 tot december 2009. De rest was pijn, psychische of fysieke, en overleven. Dus ik denk dat ik gaandeweg wel goed geworden ben in dat overleven.

Nu probeer ik mijn energie te steken in naast dat overleven, ook een beetje te genieten. Van de Ieniemienie kleine dingen. Want het is toch daarmee dat ik het moet doen. Dat is blijkbaar mijn levensles. Ik huil als ik dit typ, maar de kat ligt naast me te spinnen en mijn koffie wordt koud. Het leven roept. Ik ben al blij dat ik dat nu kan horen, vroeger ging het aan me voorbij. Misschien word het ooit wel makkelijker…

Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *